woensdag 10 januari 2018

GEEN KAASSCHAAF GELIJK



Sinds ik mijn benen scheer
verloopt mijn leven gladjes

en hunkerend naar meer
ontgin ik berg en dalen
opdat ik mij meer vrouw

ik ben natuurgetrouw
maar wildgroei en verschralen
valt slechts mijn tuin ten eer

daar scharrelt grondverkeer
in grootte en getale
bij elk soort type weer

maar ik, gecultiveerd,
wil graag mijn huid onthalen
zich zachtheid te vertalen

dan streelt het dekbed teer
zonder gevaar voor platjes.

© JELOU

vrijdag 5 januari 2018

MET ACHTTIEN AL VERDORVEN



Daar zaten we dan.
Hij, de geest uit de fles, en ik, de rebelse.
Tussen ons in stond een gebed klaar in de
stijl van Lodewijk XV.
Het vagevuur kon beginnen.

Hij sprak mij aan op mijn afvalligheid, sneed
schuld aan als boter en eiste spijtbetuiging
voor de grootste erfzonde die Gods Heilige der
Heilige had doen vergelen.
Ik had gemeenschap gehad voor het huwelijk.

Zijn holle ogen staarden mij aan vanuit zijn bleek
en strak gelaat. Lijkstijfheid, dacht ik opeens.
Maar dat bleek helaas niet het geval.

Ik ging het oordeel aan. Betuigde heerlijkheid en
genot, wilde hem inwijden in de wereld van liefde,
maar stokte midden in mijn zin.
Tegenover mij zwollen blauwe aderen op.

Het vagevuur omringde mij met speekseldraden,
deed zonden knetteren, en vlammend ontdeed
zich een mond van mijn slagingspercentage.
Ik bleek eeuwig gedoemd tot een eenzaam pad,
een schaap, verstoten door Gods kudde.

Ik zweeg. Verbeeldde mij enkel nog hoe hij, de
dienaar Gods, er nakend uit zou hebben gezien
voordat hij zijn vrouw bevruchtte. Ik glimlachte.
Dat had ik beter niet kunnen doen. Ik kon gaan.

© JELOU

woensdag 3 januari 2018

ONZICHTBAAR DAAR



Moeder, wacht tot je kind slaapt
het zou nog schrikken, zo vervreemd
als het nu wakker ogen opslaat
jouw silhouet het donker claimt

laat het de roes vol zachte dromen
het wiegekleed allengs vergaan
zie hoe de lijnen samenkomen
in het gelaat van haar bestaan

zie hoe het kind zich weet geborgen
de tijd doorstaan tot jonge vrouw
zo rustig slapend tot de morgen
onwetend dat jij haar aanschouwt

luister het ritme van haar adem
streel in gedachten stil haar haar
koester het uur heel even samen
al weet de maan slechts dat jij daar

doch zij kan jouw gevoel vertolken
een droom doorwaden van je kind
waar bij ‘t ontwaken onverbolgen
een beeltenis gedachten spint

laat haar de roes, de dromen spelen
waarin je haar zo zeer bemint
zij kan het daglicht nog niet velen
maar wees gerust, ze blijft jouw kind.

© JELOU